Vluchtelingen die sinds dinsdagochtend worden opgevangen in de noodopvang in het voormalige gemeentehuis van Loosdrecht, zijn op de eerste avond van hun verblijf geconfronteerd met gewelddadige protesten. Raddraaiers gooiden brandende fakkels op het dak van het gebouw en in een heg bij de gevel, waardoor brand ontstond. De brandweer werd tegengehouden op weg naar het gebouw en agenten die de brand probeerden te blussen werden belaagd. De vluchtelingen in het gebouw zijn daarmee volgens VluchtelingenWerk Nederland op een onaanvaardbare manier in gevaar gebracht. Daarbij kunnen dit soort uitwassen voor extra gevoelens van onveiligheid leiden bij mensen die juist gevlucht zijn voor onveilige situaties in hun thuisland.
VluchtelingenWerk is de hulpdiensten dankbaar voor snel ingrijpen en voor het voorkomen van grotere schade. VluchtelingenWerk, dat de belangen van mensen met een vluchtachtergrond van aankomst tot toekomst in Nederland behartigt, stelde vandaag in een opinieartikel in het AD dat het geweld rondom de komst van vluchtelingenopvang zorgt voor ontwrichting van de samenleving. Dinsdagavond was daar een voorbeeld van.
Bestuursvoorzitter Frank Candel herhaalt daarom: ‘We zien dat bij de protesten angst voor vluchtelingen wordt aangewakkerd, maar de samenleving moet langzamerhand meer vrees krijgen voor deze raddraaiers die het ergste geweld niet schuwen. Dié angst is reëel. Mensen schrikken soms als ze horen dat vluchtelingen in hun gemeente komen wonen. We moeten de zorgen die deze mensen ervaren serieus nemen. Een goed gesprek is nodig, met open vizier en zonder agressie. Want laat één ding duidelijk zijn: geweld mag nooit een middel zijn om een doel te bereiken.'